Vragen over Italiaanse begroting waarin fors extra wordt uitgegeven

De Italiaanse regering presenteerde gisteren haar nieuwe begroting met forse extra uitgaven en een oplopend begrotingstekort. Volgens Aukje de Vries is juist het opbouwen van financiële buffers voor mindere tijden door middel van het afbouwen van de staatsschuld van het grootste belang. Dan is de vraag hoe schokproef de Italiaanse publieke financiën zijn. Daarom stelt ze schriftelijke vragen aan de minister van Financiën waarin de VVD erop aandringt om ervoor te zorgen dat Italië zich aan de Europese financiële verplichtingen houdt. 

Vragen van Aukje de Vries over het bericht Italy’s government agrees sharply higher public spending plan uit de Financial Times van 28 september 2018.

Vraag 1
Klopt het dat Italië gisteren een begroting presenteerde waarin de uitgaven fors toenemen?

Vraag 2
Klopt het bericht dat Italië uitkomt op een begrotingstekort van 2,4% in 2019? Klopt het dat dit een verslechtering is ten opzichte van het eerder voorgenomen tekort van 0,8%? In welke beleidsmaatregelen zit deze verslechtering?

Vraag 3
Hoe geloofwaardig is dit cijfer van 2,4%? Welke aannames zitten hier in, bijvoorbeeld over de Italiaanse economische groei en zijn deze geloofwaardig? Hoe groot is het risico dat het begrotingstekort met de voorgenomen uitgaven en belastingverlagingen alsnog boven de 3% duikt?

Vraag 4
Wat zijn de precieze budgettaire verplichtingen uit het SGP voor Italië in 2019 en op lange termijn?

Vraag 5
Kan het begrotingstekort en de staatssschuld van Italië als percentage van het BBP voor de laatste tien jaar gegeven worden? Kan, indien beschikbaar, de verwachting voor de komende 5 jaar gegeven worden? 

Vraag 6
Is het Kabinet het met de VVD eens dat het opbouwen van financiële buffers voor mindere tijden door middel van het afbouwen van de staatsschuld van het grootste belang is? Hoe rijmt dit met een tekort van 2,4%?

Vraag 7
Wat is de reactie van de Minister op deze gepresenteerde begroting? Ziet het Kabinet risico’s voor de Europese en Nederlandse economie wanneer landen binnen de Eurozone hun budgettaire verplichtingen niet serieus nemen? Zo ja; welke risico’s ziet de Minister?

Vraag 8
Hoe verloopt dit verdere budgettaire proces, zowel in Italië als in Europa? Spreekt de Europese Commissie zich nog uit over deze ontwerpbegroting, en zo ja; wanneer?

Vraag 9
Is de Minister bereid erop aan te dringen dat de Europese Commissie zich nu, als bewaker van de Europese verdragen, wél fel uitspreekt als Italië zich niet aan de Europese financiële verplichtingen houdt?

Vraag 10
Wordt deze begroting of de consequenties ervan voor (de geloofwaardigheid van) het SGP nog besproken in een vergadering van de Eurogroep of de Ecofinraad? Zo ja; wanneer en is de Minister voornemens een standpunt in te nemen? Zo nee; waarom niet? En is de Minister dan bereid het belang van gezonde publieke financiën en het opbouwen van buffers te benadrukken?

Vraag 11
Als Italië zelfs in deze bloeiende economie en hoogconjunctuur het nog maar net voor elkaar krijgt om een begrotingstekort onder de SGP-norm van 3% te presenteren, wat zegt dit dan over de stand van de Italiaanse publieke financiën als het straks weer minder gaat met de economie?

Vraag 12
Hoe schokproof zijn de Italiaanse publieke financiën? 

Vraag 13
Wat zegt het dat Italië niet alleen de geloofwaardigheid van de regels van de bankenunie lijkt te ondermijnen (zie bijvoorbeeld de schriftelijke vragen van het lid Harbers met zaaksnummer 2016Z24986) maar nu ook de geloofwaardigheid van het Stabiliteits- en Groeipact ondermijnt?