Algemene Financiële Beschouwingen: de samenleving is geen keuzemenu

De coronacrisis is een unieke crisis: dat vraagt om flexibiliteit, inspelen op wat nodig is en daarnaar handelen. De VVD wil investeren om de economie aan de gang te houden en groei in de toekomst te stimuleren. Niet als doel op zich, maar om banen te behouden en te realiseren en voor het inkomen van mensen in het land. Dit gebeurt door een fors steunpakket voor ondernemers en banen, door publieke investeringen naar voren te halen, door bedrijfsinvesteringen te stimuleren en door extra investeringen voor de groei te realiseren. Dit kan allemaal gedaan worden omdat in de afgelopen jaren financiële buffers zijn opgebouwd voor slechtere tijden. Dit is te danken aan verstandig financieel beleid. Desondanks, is en zal helaas de impact van de coronacrisis voelbaar zijn. De samenleving is daarbij geen keuzemenu. Het is niet of ondernemers, of de publieke sector. Beide zijn nodig hebben om sterker uit deze crisis te komen. Niet de publieke sector tegenover de private sector plaatsen: we zijn allemaal Nederland.

Zie hieronder de uitgesproken spreektekst van het VVD-Tweede Kamerlid Aukje de Vries tijdens de Algemeen Financiële Beschouwingen (d.d. 29 september 2020) en hierbij de link naar het debat.

Voorzitter, de minister van Financiën begon zijn toespraak bij het aanbieden van het koffertje met daarin de Miljoenennota 2021 met een verhaal over Willem de Vlamingh. Deze ontdekkingsreiziger was afkomstig van het mooie Waddeneiland Vlieland. En als Friezin spreekt dat me natuurlijk aan. Het is ook goed om in deze bijzondere tijden te kijken naar wat wij kunnen leren van het verleden, van de afgelopen jaren. En te kijken hoe we dat vertalen naar nu, en naar de toekomst.

Voorzitter, voor de tweede keer in iets meer dan een decennium bespreken we hier nu ‘de grootste economische crisis in vele jaren’. Eerst de kredietcrisis, en nu de Coronacrisis.

En voorzitter, ik zeg het maar meteen. Deze twee crises lijken in weinig opzichten op elkaar. Het heeft geen zin om beide crises door dezelfde lens te bekijken, of om dezelfde blauwdruk erop te leggen. Net zo min als een dokter aan twee patiënten met verschillende ziektebeelden hetzelfde medicijn voorschrijft, kan de overheid nu zomaar antwoorden met dezelfde beleidsrecepten.

Voorzitter, de Coronacrisis is een unieke crisis die niemand had kunnen voorspellen, en die we nog nooit eerder hebben meegemaakt. Het vraagt dan ook om maatregelen die we wellicht nooit voor mogelijk hadden gehouden. Crises oplossen betekent flexibel zijn, inspelen op wat nodig is en handelen. Net als de ontdekkingsreizigers vroeger. Een open blik, zonder ideologische dogma’s.

Voorzitter, dat geldt natuurlijk ook voor mijn eigen partij.

Ik had niet verwacht dit als financieel woordvoerder van de VVD nog eens te moeten zeggen, maar het is goed dat we een fors begrotingstekort hebben en de staatsschuld laten oplopen. Dat is nodig om ondernemers en hun werknemers overeind te kunnen houden en de economische tegenslag zoveel mogelijk te dempen.

Voorzitter, staatsschuld is niet per definitie slecht, het is soms zelfs nuttig. Maar net als dat de VVD daar nu genuanceerder naar kijkt, denk ik dat sommige partijen dat ook zouden moeten doen.

Want, voorzitter, dit alles is alleen verantwoord, en dat kan ook alleen maar omdat we er aan het begin van de Coronacrisis financieel goed voorstonden. En voorzitter, dat was geen toeval, maar te danken aan verstandig beleid. Het kabinet heeft een financiële buffer voor slechte tijden opgebouwd, ondanks het feit dat veel partijen in deze Kamer die buffer toen al liever hadden uitgegeven.

Voorzitter, en het is alleen door dat verstandige beleid dat we nu de financiële ruimte hebben om aan broodnodige crisisbestrijding te doen. Maatregelen kunnen nemen die ondernemers helpen, maatregelen die hopelijk zoveel mogelijk mensen hun baan en inkomen laten behouden. Maatregelen die Nederland door deze crisis heen kunnen helpen.

Voorzitter, desondanks zullen ondernemers en heel veel mensen de gevolgen van de economische teruggang gaan voelen. Door het verlies van hun bedrijf, hun baan of inkomen. Onze koning zei het treffend: ‘Corona raakt ons allemaal. Van Terschelling tot Aruba. Jong en oud.”

Voorzitter, en die boodschap van eenheid die we in de Grote Kerk hoorden staat in schril contrast met de woorden die we hier vaak in de Kamer horen. Waar ondernemers soms wel heel makkelijk weggezet worden.

Maar voorzitter, daar verzet de VVD zich tegen. De samenleving is geen keuzemenu. Het is niet of ondernemers, of de publieke sector. We zullen beiden nodig hebben als we straks sterker uit deze crisis willen komen.

Voorzitter, elke partij in deze Kamer geeft om de publieke sector, daar doen we ons werk voor. Er zijn geen partijen die daar het alleenrecht op hebben. We winnen er niks mee om de publieke sector tegenover de private sector te plaatsen. We zijn allemaal Nederland.

Ook, of juist, wij geven om de zorg en het onderwijs.

En voorzitter, als ik dan toch een klein tikje mag geven, het is wel wat makkelijk dat de verwijten vaak komen van partijen die moeiteloos wilden bezuinigen op bijvoorbeeld defensie. Ook dat is de publieke sector.

Voorzitter, dan de private sector. Die zorgen dat miljoenen mensen elke dag hun boterham kunnen verdienen. Voorzitter, juist die ondernemers ‘bashen’ is een van de onverstandigste dingen die we hier in deze Kamer kunnen doen. Terwijl die ondernemers op dit moment bikkelhard vechten om te overleven, om hun bedrijf op de been houden, om hun werknemers in dienst te houden. Dat zijn net zo goed mensen waar we hier in de Kamer voor moeten vechten.

Voorzitter, maar is alles wat het bedrijfsleven doet dan per definitie goed? Zeker niet. Daar was mijn fractievoorzitter afgelopen jaar al duidelijk genoeg over. De VVD wil een ‘Phillips-samenleving’. Net zo goed als de overheid een verantwoordelijkheid heeft voor ondernemers hebben ondernemers ook een verantwoordelijkheid naar de samenleving. Netjes belasting betalen, goed zijn voor medewerkers. Bijdragen aan de samenleving. En bedrijven die de kantjes er vanaf lopen spreken we dus ook aan, en pakken we aan.

Voorzitter, wij willen een sterke overheid, die ervoor zorgt dat de samenleving werkt. Die kijkt naar jou en je probleem in plaats van regels en het systeem. Die de slagkracht heeft om veranderingen in de maatschappij door te voeren.

Maar voorzitter, voor ik bepaalde partijen zie watertanden: Een krachtige overheid is niet per se gelijk aan een grote overheid. Een grote overheid is het makkelijke antwoord: hoge belastingen, veel ambtenaren, veel regels, veel formulieren, veel gedoe. Dat is niet wat de VVD wil. Een sterke overheid is veel moeilijker dan dat simpele antwoord alleen. Een sterke overheid vraagt om maatwerk en flexibiliteit. Om er te zijn wanneer het nodig is, maar mensen ook juist de vrijheid geven wanneer dat kan. En dat gebeurt op dit moment te vaak niet. IT-systemen zijn te oud en te gammel om wijzigingen aan te kunnen. Het kabinet constateert zelf dat de dienstverlening van de overheid onder druk staat. Er is verouderde ICT, er zijn personeelstekorten en complexe wetten, regels en beleid. En mensen zakken daardoor, soms met afschrikwekkende gevolgen, door het ijs.

Maar voorzitter, een ambitieuze, daadkrachtige aanpak ontbreekt. Een sterke overheid is natuurlijk niet in een dag geregeld. Maar ik wil het kabinet toch nog een beetje aanmoedigen. Kijk bijvoorbeeld naar het project Werk in Uitvoering. Wat gaat het Kabinet doen om dit probleem concreet aan te pakken? Hoe gaan mensen en bedrijven waarvoor de dienstverlening is daarbij betrokken worden? Hoe pakt dit kabinet de regelzucht aan?

Voorzitter, deze begroting is gericht op de toekomst. Niet alleen op ons uit de crisis helpen, maar ook op het versterken van ons toekomstige verdienvermogen. ‘We hebben geen economische groei nodig’ hoor je nog wel eens. Maar voorzitter, ik bestrijd dat ten zeerste. Dat is een les die je niet moet willen leren. Zonder groei én ondernemers, is er geen ruimte voor het meer dan noodzakelijke geld voor de publieke sector, voor politie, defensie, onderwijs, zorg en een sociaal vangnet. Dat blijkt ook weer in deze crisis. We hebben een goed investeringsklimaat nodig. Niet als doel op zich, maar om banen te behouden en te realiseren.

En voorzitter, ik zou dus wel willen zeggen: de volgende les is dat Nederland meer investeringen nodig heeft. Om het verdienvermogen te verbeteren en om onze samenleving te versterken. Het is daarom goed dat investeringen naar voren gehaald worden. De vraag aan de minister is wel waarom niet veel meer investeringen naar voren gehaald kunnen worden? En de publieke sector kan het niet alleen, dus we hebben private investeringen ook bikkelhard nodig. De bedrijfsinvesteringen dalen in 2020 met 6,8%, een inhaalslag is nodig. De BIK helpt daarbij. Hoe gaat deze minister er voor zorgen dat het een effectieve maatregel gaat worden, en doet wat ie moet doen?

Voorzitter, gegeven deze les is de VVD daarom ook positief over het groeifonds voor meer economische groei door investeringen in kennis, innovatie en infrastructuur. Maar voorzitter, de VVD geeft wel een waarschuwing mee: Minister Hoekstra, let op uw zaak! Voorkomen moet worden dat het een politieke graaipot wordt. Het is daarom goed dat er een onafhankelijke commissie komt die adviseert, om te voorkomen dat het geld gebruikt wordt voor een steeds bredere definitie van investeringen. Het moet geen duizend-dingen-doekje, waarvan we ons achteraf afvragen waar het geld is gebleven, dat het te versnipperd is ingezet en we niet weten welk effect het heeft gehad. Hoe gaat het kabinet dit voorkomen?

Het groeifonds is niet het enige dat moet zorgen voor meer economische groei. Veel zaken staan ook gewoon op de reguliere begroting. De VVD vraagt om dit beter en explicieter inzichtelijk te maken in de begroting. Kan de minister dat toezeggen?

Voorzitter, misschien de laatste les richting de toekomst: Het versterken van middeninkomens. Dit is de ruggengraat van onze samenleving, en verdient permanente aandacht.

Door de stijgende zorgkosten, hogere pensioenpremies, de kosten van de energietransitie. Als we niks doen betalen de middeninkomens letterlijk de rekening.

En dat willen wij niet. Dat is iets wat het kabinet zou moeten voorkomen.

Hoe wil het Kabinet dit voorkomen? Hoe zorgt het kabinet ervoor dat deze sluipmoordenaars van de koopkracht voor de middeninkomens niet uit de hand lopen? Hoe voorkomen we een structureel stijgende zorgpremie, energiepremie, pensioenpremies en andere kosten? Kan het kabinet daar op ingaan.

Voorzitter, een voorbeeld: Waarom heeft het Kabinet bij de corona-steun voor de gemeenten, niet ook afspraken gemaakt over de stijging van de lokale lasten en ondersteuning van ondernemers? Of hoe realistisch is de voorspelde stijging van de zorgpremie met 37 euro? Wanneer krijgen we eindelijk, een door mijn fractie al zo vaak bepleitte meevallerformule? Hoe gaan we de lessen uit de coronacrisis, zoals slimme zorg, zorg op afstand en minder afhankelijkheid voor medicijnen en hulpmiddelen, benutten? De Nederlandse Zorgautoriteit heeft over de lessen uit deze crisis een goed rapport geschreven. Er is een vervolgadvies gevraagd. Hoe loopt dat? Wanneer kunnen we dat verwachten?

Voorzitter, de Coronacrisis is nog niet voorbij. Ook de economische gevolgen niet. Veel is onduidelijk en nog onzeker. Er zullen nog genoeg lessen getrokken worden. We zullen hier nog jaren mee bezig zijn. Mijn fractievoorzitter zei het bij de Algemene Politieke Beschouwingen treffend “Iedereen wil eigenlijk weten: wanneer is het klaar? Hoe gaat het nu verder? Maar om heel eerlijk te zijn: wij weten het hier ook allemaal niet precies. We weten niet wanneer het over is, we weten niet of het eerst nog veel erger wordt. En als we dan straks van Corona af zijn, en een vaccin hebben. Dan is het nog steeds niet normaal. Dan moeten we nog beginnen om de schade te repareren en bouwen aan een sterkere samenleving. Maar, gelukkig, er is ook goed nieuws: uiteindelijk, komt het allemaal goed.”

Voorzitter, dat vraagt wel dat we ons zo goed mogelijk aan de regels houden. Zodat we een tweede lockdown kunnen voorkomen. Dat zou naast enorme gevolgen voor onze gezondheid en ons welzijn, ook desastreuze gevolgen hebben voor onze economie, de banen en het inkomen van mensen, voor ondernemers en de overheidsfinanciën. Laten we dat met zijn allen proberen te voorkomen!

Dank u wel.