VVD vraagt om impactanalyse Basel 3.5-hervormingen

Het Basel-comité wil strengere kapitaaleisen voor banken. Dit kan gevolgen hebben voor de kredietverlening, zoals blijkt uit een recent rapport van de European Banking Authority (EBA) over de impact van deze “Basel 3.5”- hervormingen. Voor het economisch herstel na Corona is voldoende kredietverlening noodzakelijk. Als banken hogere kapitaaleisen moeten aanhouden, dan kan dat gevolgen hebben voor de kredietverlening. Dat kan zijn in de vorm van het verstrekken van hypotheken of financiering van het MKB. De kredietverlening aan agrarische ondernemingen lijkt ook onevenredig hard te worden getroffen. De VVD wil dat er een impact-analyse wordt uitgevoerd, zodat voor lidstaten duidelijk is wat de gevolgen zijn. De VVD wil ook duidelijk hebben wat de gevolgen voor de kredietverlening zijn en of de kosten hierdoor worden verhoogd.

Vragen van de leden Van der Linde, Lodders en Aukje de Vries (allen VVD) aan de ministers van Financiën en van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over het rapport ‘Basel III Reforms: Updated Impact Study’ uit december 2020

1. Hebt u kennisgenomen van het rapport ‘Basel III Reforms: Updated Impact Study’ van de European Banking Authority (EBA) uit december 2020?

2. Deelt u de conclusie van de EBA dat Nederlandse banken naar verwachting gemiddeld 21% meer kapitaal moeten aanhouden onder ‘Bazel 3.5’? In hoeverre worden aan Nederlandse banken hogere kapitaaleisen gesteld dan aan banken in andere EU-lidstaten? Wat betekent dat voor de kredietverlening in Nederland? Welke gevolgen heeft dit voor de verstrekking van hypotheken en de financiering van de energietransitie?

3. Klopt het dat banken onder Bazel 5 onderpand minder zwaar mogen laten wegen bij het bepalen van de risico’s? Is het juist dat banken daardoor risico’s in de toekomst aanzienlijk hoger moeten inschatten dan op basis van historische verliezen nodig is?

4. Herinnert u zich de notitie ‘Inkomsten en verdienmodel van agrarische ondernemers’ van de Nederlandse Vereniging van Banken uit juli 2020 en de toezegging van de minister van LNV om daarover overleg te voeren met de minister van Financiën 1)? Heeft dit overleg inderdaad op het niveau van de ministers plaatsgevonden? Zo ja, wat was de conclusie, welke acties zijn door de respectievelijke ministers op nationaal en internationaal niveau in gang gezet en wat is de stand van zaken op dit moment? Zo nee, waarom niet?

5. Deelt u inmiddels de conclusie dat de kredietverlening aan agrarische ondernemingen onevenredig hard wordt getroffen? Wat gaat u daar in concreto aan doen?

6. Kunt u aangeven welke andere sectoren in het bijzonder worden getroffen door Bazel 3.5? Hebt u hiervoor een impactanalyse laten opstellen? Zo nee, waarom niet? Bent u dan bereid om, vooruitlopend op verdere bespreking en besluitvorming en in samenwerking met banken en bedrijfsleven, zo’n analyse op te zetten? Bent u bereid om naast een Nederlandse impactanalyse ook in Europees verband te pleiten voor een impactanalyse, zodat ook andere lidstaten inzichtelijk krijgen wat de gevolgen zijn?

7. Hoe voorkomt u dat banken door Bazel 3.5 de kredietverlening inperken of de kosten verhogen?

8. Kunt u deze vragen beantwoorden voor aanvang van het aanstaande verkiezingsreces?

1) Kamerstuk 32 670, nr. 19.